Wanneer de temperaturen dalen en de dagen korter worden, lijkt de tuin in een diepe winterslaap te vallen. Voor veel mensen is dit het signaal om de tuin ‘winterklaar’ te maken: bladeren worden weggeharkt, uitgebloeide planten afgeknipt en alles wordt netjes opgeruimd. Maar wat voor ons een opgeruimde tuin is, is voor veel dieren een kale en onherbergzame woestijn. Juist in de winter hebben dieren als vogels, egels, insecten en kleine zoogdieren onze hulp hard nodig. Met een paar simpele aanpassingen verander je jouw tuin in een veilig en voedselrijk toevluchtsoord dat wemelt van het leven, zelfs in de koudste maanden. In dit artikel van huisy.nl lees je hoe je een diervriendelijke tuin voor de winter creëert.
Laat de natuur haar gang gaan: een rommelige tuin is een rijke tuin
De belangrijkste stap naar een diervriendelijke wintertuin is misschien wel de makkelijkste: doe minder. De drang om alles op te ruimen is vaak ingegeven door een verlangen naar netheid, maar het ontneemt dieren hun essentiële levensbehoeften. Laat afgevallen bladeren bijvoorbeeld liggen in de borders en onder heggen. Dit bladerdek vormt een warme, isolerende laag voor overwinterende insecten, zoals lieveheersbeestjes en vlinders. Egels gebruiken een dikke laag bladeren graag om hun winterslaapnest in te bouwen. Bovendien verteren de bladeren langzaam en verrijken ze de bodem, wat weer ten goede komt aan het bodemleven zoals wormen.
Knip uitgebloeide vaste planten en siergrassen niet af in de herfst. De holle stengels bieden een perfecte schuilplaats voor insecten om de winter door te komen. Daarnaast bevatten de zaadhoofden van planten als de zonnebloem, kaardebol en diverse grassoorten een voedzame maaltijd voor vinkjes, putters en andere zaadetende vogels. Een ‘rommelhoekje’ met wat takken, snoeihout en boomstronken is een vijfsterrenhotel voor talloze beestjes en kan een veilige plek zijn voor een egel of een winterkoninkje.
Zorg voor een winterbuffet vol voedsel
Natuurlijk voedsel wordt schaars in de winter. Je kunt de dieren een handje helpen door extra voeding aan te bieden. Voor vogels kun je voedersilo’s met zadenmixen, netjes met pinda’s (zonder plastic netje, waar vogels in verstrikt kunnen raken!) en vetbollen ophangen. Varieer het aanbod om verschillende soorten aan te trekken. Merels en roodborstjes zijn bijvoorbeeld dol op fruit; leg eens een oude appel of wat krenten op de grond.
Denk ook op de lange termijn door te kiezen voor planten die in de winter voedsel bieden. Besdragende struiken zijn een fantastische toevoeging aan elke diervriendelijke tuin. Denk aan hulst (Ilex), meidoorn (Crataegus), Gelderse roos (Viburnum opulus) of de krentenboom (Amelanchier). De bessen zijn niet alleen een cruciale voedselbron voor vogels als merels en lijsters, maar geven je tuin ook nog eens kleur in de grijze maanden. Klimop (Hedera helix) die tegen een schutting of muur groeit, bloeit laat in het jaar en levert nectar voor de laatste actieve insecten, gevolgd door bessen die in de late winter rijp zijn.
Water is leven, ook in de vrieskou
Voedsel is belangrijk, maar vergeet water niet. Wanneer plassen en sloten bevroren zijn, wordt het voor dieren moeilijk om te drinken en zich te wassen. Een ondiepe schaal met water kan letterlijk levens redden. Een vogelbad of een simpele plantenschotel op de grond volstaat. Zorg ervoor dat de randen niet te glad zijn en dat er een steen in het midden ligt, zodat vogels en insecten makkelijk kunnen landen en er niet in kunnen verdrinken.
Bij vorst kun je het water ijsvrij houden door er ’s ochtends wat lauw water aan toe te voegen. Een andere truc is om een pingpongballetje in het water te leggen; de wind zorgt ervoor dat het balletje beweegt en het water minder snel volledig bevriest. Gebruik nooit zout of andere antivriesmiddelen, want dit is giftig voor de dieren.
Creëer veilige schuilplaatsen en nestkasten
Naast voedsel en water is beschutting van levensbelang om de koude nachten en gure wind te overleven. Dichte, groenblijvende heggen van bijvoorbeeld taxus, hulst of klimop bieden uitstekende beschutting. De eerder genoemde takkenril of een stapel houtblokken is ook een ideale schuilplaats. Specifiek voor egels kun je een egelhuis plaatsen op een rustige, beschutte plek in de tuin, bedekt met bladeren en takken. Verstoor een dergelijke plek in de winter absoluut niet, want je zou een egel in zijn winterslaap kunnen wekken, wat hem fataal kan worden.
Vogels maken ook dankbaar gebruik van nestkasten om in te schuilen tijdens koude nachten. Maak in de herfst de gebruikte nestkasten leeg en schoon met heet water om parasieten te verwijderen, zodat ze klaar zijn voor nieuwe wintergasten. Een insectenhotel biedt een droge en veilige overwinteringsplek voor solitaire bijen en andere nuttige insecten. Door deze kleine aanpassingen te doen, transformeer je jouw tuin van een kale vlakte naar een levendig ecosysteem, waar dieren de winter veilig en gezond doorkomen en je in het voorjaar belonen met hun aanwezigheid.

